Leerlingen leren gebarentaal tijdens coronacrisis

“Puur toeval!”  Zonder dat ze het vooraf hadden kunnen bedenken, zou het project waaraan vijf leerlingen van onze school werken, ineens heel actueel worden: gebarentaal.

Het begon met een stil protest tijdens het journaal, een bord met aandacht voor doven en slechthorenden voor meer informatie in de beginfase van de corona uitbraak. Inmiddels is de gebarentolk Irma een vaste waarde geworden op de persconferenties van onze minister-president. Toch zijn Fenne Berkelmans, Joeske van Meeuwen, Maudy van Uitert,  Gayle en Lynn Vrijenhoek niet door ‘Irma’ geïnspireerd. Het begon heel anders. De vijf vriendinnen zochten aan het begin van het schooljaar invulling voor het Pharos-project. Ze waren gefascineerd door een eigen taal, een soort geheimtaal en hadden hiermee in het verleden al eens geëxperimenteerd. Vanuit deze interesse zijn ze zich gaan richten op gebarentaal. “We vonden het gewoon leuk om gebarentaal te leren, maar wilden er verder eigenlijk niets mee.”

Het Pharos project daagt leerlingen uit om buiten de lessen om invulling te geven aan hun eigen ambities of interesses. Maar hoe leer je nu gebarentaal? Op internet vonden deze leerlingen uit de derde klas van het gymnasium een geschikte online cursus waarmee ze aan de slag zijn gegaan. “De toetsen waren best moeilijk. Soms moesten we ook de snelheid wat aanpassen. Maar het ging eigenlijk steeds beter.” Het is hun gelukt om de hele cursus te doen sinds december en die ieder een half jaar later met goed gevolg af te sluiten. “We spraken elke dinsdag af in een vergaderzaal bij een van ons thuis. Ieder van ons moest dan zelf het hoofdstuk doornemen, de gebaren leren en er werden deadlines gesteld. Soms moest Gayle wat druk uitoefenen als iemand nog niet begonnen was.”

Het feit dat ze ondanks de afstand in coronatijd de cursus hebben afgerond is een prestatie op zich. De manier waarop ze dit gedaan hebben verdient respect. Het zijn vijf goede vriendinnen. Ze durven elkaar aan te spreken en pakten de zaken goed aan: “De cursus was te duur. Toen hebben we gevraagd of er geen scholierenkorting was en dat is gelukt!”

Ze kennen nu zo’n 700 à 800 gebaren. Voldoende om op een eenvoudig niveau te communiceren.